From henkz@cs.utwente.nl Thu Mar  9 09:24:21 2000
Date: Wed, 23 Feb 2000 09:51:10 +0100 (MET)
From: Henk van de Zandschulp <henkz@cs.utwente.nl>
To: frank@cs.vu.nl
Subject: Fwd: goochelen met TCM

Frank, 

TCM kan zelfs gebruikt worden om kunst te maken :)
Bijgaande het probleem, en gelijk maar een mogelijke oplossing erbij?

--- 8< --- 8< ----
> 
> Als er tussen twee verschillend grote elementen meerdere lijnen getekend
> worden kunnen deze nog wel eens op de foute plaats terechtkomen. Zie
> bijgaand voorbeeld.
> 
> Hieronder zet ik ook maar een alogritme neer dat dit probleem kan
> corrigeren, maar dat ook voor een mooie verdeling van meerdere edges
> tussen nodes zorgt die niet precies naast of boven elkaar getekend zijn.
> 
> David.
> 
> ----------
> 
> Een algoritme om edges tussen twee nodes te verdelen (ik weet niet of
> ik het al eens heb verteld):
> 
> Vooronderstellingen:
> a) Elke node type heeft een beschrijving van de omtrek, samengesteld uit
>    polygonale stukken en 1/4-cirkels. Deze beschrijving wordt gebruikt
>    om te berekenen waar een edge de rand van een node treft; zij kan
>    ook gebruikt worden om de node te tekenen. (Let op bij nodes met
>    lijnen die niet aan de buitenkant liggen, zoals notes).
> b) Elke node type heeft een ,,zwaartepunt''. Dit kan eventueel uit de
>    gegevens a) berekend worden. (behalve bij notes). Bij driehoeken is
>    te overwegen of je het grafische middenpunt wilt gebruiken of het
>    echte zwaartepunt (dat er iets onder ligt); als je namelijk met het
>    onderstaande algoritme n horizontale lijn tussen twee driehoeken
>    berekent verbindt deze de grafische middenpunten, niet de zwaarte-
>    punten.
> 
> Gegeven twee nodes, a en b; te tekenen n edges tussen de nodes.
> 
> 1. Bereken de zwaartepunten Z(a) en Z(b). Bepaal de richting van het
>    lijnstuk Z(a)--Z(b).
> 
> 2. Bepaal de tangenten in richting Z(a)--Z(b) aan a en b. Dit levert
>    de raakpunten R1(a), R2(a), R1(b) en R2(b) op. (Dus een lijn door
>    R1(a) in de richting van Z(a)--Z(b) is een tangent aan a, en R1(a)
>    ligt op de rand van a.) Als een randpunt, b. v. R1(a), niet
>    eenduidig vastligt, kies R1(a) zo dicht mogelijk bij Z(b).
> 
> 3. Verdeel het lijnstuk R1(a)--R2(a) in n+1 gelijke delen. Dit levert
>    de punten O(a,0)=R1(a), O(a,1), O(a,2), ..., O(a,n), O(a,n+1)=R2(a)
>    op; deze punten liggen alle op n lijn en twee opeenvolgende punten
>    hebben steeds dezelfde afstand.
> 
> 4. Doe hetzelfde met het lijnstuk R1(b)--R2(b). Dit levert de punten
>    O(b,0)=R1(b), O(b,1), ..., O(b,n+1)=R2(b) op.
> 
> 5. De edges komen te liggen op de lijnen O(a,1)--O(b,1), O(a,2)--O(b,2),
>    ..., O(a,n)--O(b,n).
> 
> 6. Om het exacte begin- en eindpunt van de edges te bepalen gebruik de
>    gegevens van vooronderstelling a) om het snijpunt van elk
>    polygoonstuk of 1/4-cirkel met de lijn te berekenen.
> 
> Als je meer uitleg wilt kan ik tekeningen maken, maar liever niet per
> e-mail.


Ik zal je de betreffend file zo separaat sturen.
Is wel een leuke testcase :)

Henk
